Bedrijven bereiden zich onvoldoende voor op Brexit |

KPMG: "Bedrijven bereiden zich onvoldoende voor op Brexit"

Bedrijven bereiden zich onvoldoende voor op Brexit

Het moment van het definitieve vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie, 29 maart 2019, komt snel naderbij. Op dit moment is de invulling van de toekomstige handelsrelatie tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk echter nog onduidelijk.

bellm.andy@kpmg.nl

KPMG Nederland

Contact

Gerelateerde content

"Naarmate deze onduidelijkheid langer duurt, blijft voor bedrijven en voor toezichthouders minder tijd over om zich goed voor te bereiden op de nieuwe situatie", zegt Wesley Willemse van KPMG. Willemse: "Bedrijven die wij in het kader van het onderzoek voor het ministerie van Economische Zaken hebben gesproken, geven aan dat de huidige onduidelijkheid ertoe leidt dat ze zich nog beperkt hebben voorbereid op Brexit. Dit signaal krijgen we niet alleen van de bedrijven die we hebben gesproken, maar ook van onze klanten." 

Snel handelen

Ondanks deze onzekerheid is het van belang dat ondernemers snel gaan onderzoeken wat de potentiële impact van Brexit is voor hun organisatie.

Willemse: "Zij moeten zich bijvoorbeeld de vraag stellen hoeveel zendingen er per jaar naar het Verenigd Koninkrijk gaan of uit het land komen. En wat voor soort goederen dat zijn. De vraag is verder of aanvullende maatregelen op deze goederen van toepassing zijn. Worden de goederen nu geleverd in grote partijen of in kleine zendingen geadresseerd aan individuele afnemers? Het doorvoeren van mitigerende maatregelen neemt namelijk veel tijd in beslag.

Overgaan tot handelen wanneer Brexit bijna een feit is, gaat veel bedrijven in tijdnood brengen. Voor het implementeren van mogelijke oplossingen kan het dan te laat zijn. Een dergelijke analyse is – los van de uitkomsten van de onderhandelingen tussen het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie – nu al goed uit te voeren."

Aanzienlijke kostenstijging

Uit het onderzoek van KPMG blijkt dat de kosten voor in- en uitvoer jaarlijks in ieder geval met €387 miljoen tot €627 miljoen zullen toenemen. Dit is exclusief nog niet te berekenen douanerechten, btw-uitgaven en nog onbekende sectorspecifieke markttoegangseisen.

Willemse: "Bij specifieke eisen per sector valt te denken aan verkrijgen van en controle op fytosanitaire en veterinaire certificaten, verplichtingen vanuit CE-markering of vanuit REACH-regelgeving. Hierbij bestaat het risico dat na Brexit eisen en standaarden tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk divergeren. Hoe dit exact uitpakt is nog onbekend.

In het onderzoek zijn de mogelijke gevolgen in kaart gebracht, maar de kosten hiervan zijn nog niet gekwantificeerd. Zo verwacht het bedrijfsleven dat Brexit zorgt voor het opnieuw inrichten van supply chains. De verwachting is dat de eenmalige kosten hiervoor een veelvoud bedragen van de in het onderzoek geraamde kosten."

Nieuwe EU-buitengrenzen

Willemse wijst erop dat een belangrijk gevolg van Brexit het ontstaan van nieuwe EU-buitengrenzen in Nederland is. Willemse: "Dit zorgt voor een significante extra belasting van overheidsorganisaties, zoals de Douane, NVWA en KCB.

Veel van de fysieke handel met het Verenigd Koninkrijk verloopt over de Noordzee via ferry's. De bestaande infrastructuur in de havens waar de ferry's aanleggen, zowel aan de Nederlandse zijde als aan de zijde van het Verenigd Koninkrijk, is nog niet geschikt om als buitengrens te fungeren. Belangrijk hierbij is ook de fysieke ruimte die nodig is aan parkeerplaatsen en wachtruimtes voor personen- en vrachtauto's."

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig