mr regtech europa stimulans of struikelblok |

Mr. Regtech: Europa – stimulans of struikelblok?

Mr. Regtech: Europa - stimulans of struikelblok?

Fintech en regtech hebben aan Europa in principe een goede bondgenoot, meent Rob Voster, senior manager bij KPMG. In de praktijk reageert de Europese regelgeving echter veel te traag op innovaties. Daarbij staan verschillende nationale interpretaties van Europese regels en het verschil in focus tussen lidstaten een werkelijk gelijk speelveld in de weg. Een Europees toezichthouder zou uitkomst kunnen bieden, maar dat is geen populaire boodschap in het huidige politieke klimaat.

1000

Senior manager

KPMG Nederland

Contact

Gerelateerde content

MrRegtech

Eind maart toog ik naar Brussel voor een conferentie van de Europese Commissie over de vraag onder welk soort toezicht en onder welke regels IT binnen de financiële sector het beste gedijt. De intenties van de commissie zijn goed: ze focust op het slechten van barrières, op één gemeenschappelijke markt, een gelijk speelveld, schaalbaarheid van oplossingen en bescherming van gebruikers.

Schaalbaarheid zorgt ervoor dat een oplossing in de ene lidstaat ook toepasbaar is in andere lidstaten van de Europese Unie. Zonder dat die oplossing daar weer aan nieuwe regelgeving moet voldoen, want dat is duur en tijdrovend. De initiële kosten van nieuwe technologie zijn al relatief hoog. Het spreiden van die kosten over zoveel mogelijk landen, verlaagt dus de drempel voor innovatieve fintech- en regtech-oplossingen.

Addertjes onder het Europese gras

Ondanks de goede intenties zitten er een aantal vervelende nationale addertjes onder het Europese gras. Een daarvan zit ’m in de aard van de Europese regelgeving. Waar EU-verordening voor alle lidstaten gelden, moeten EU-richtlijnen eerst worden omgezet in nationale wetgeving. Daarbij kunnen al verschillen in interpretatie ontstaan. Die verschillen kunnen nog groter worden dankzij gold plating, het verschijnsel dat lidstaten Europese regelgeving ‘vergulden’ bij de omzetting naar nationale wetgeving. In de praktijk komt dit neer op strenger maken en van extra regels voorzien. U begrijpt: einde gelijk speelveld.

Een ander addertje is het nationale toezicht. Zo kunnen toezichthouders in verschillende landen een verschillende focus hebben. Richt het Nederlandse toezicht zich bijvoorbeeld op klantrapportages en het Belgische zich op klantbescherming, dan moet een bedrijf dat in beide landen opereert op beide thema’s uitblinken. Met 28 lidstaten kan dat behoorlijk optellen. Daarnaast heeft niet elke toezichthouder even veel ervaring. Bedrijven krijgen daarom in het ene land een betere begeleiding en sneller een vergunning dan in het andere. Ook hier wordt dus geknabbeld aan het gelijke speelveld. In dit opzicht wordt een Europese toezichthouder node gemist. Dit geldt ook voor de Sandbox-methodiek, waarin toezichthouder en bedrijven naar hartenlust kunnen experimenteren met innovatieve concepten. Hoeveel effectiever zou het zijn een sandbox op Europees niveau te hebben!

Geen Europese gedragstoezichthouder

Een gedragstoezichthouder op Europees niveau is in het huidige politieke klimaat geen populaire boodschap. Dat is waarschijnlijk de reden dat er tijdens de conferentie weinig over is gesproken. Een ander onderwerp dat ik miste, is de doorlooptijd van regelgeving voor technologische innovaties. Regulering hiervan is complex en omvangrijk. De regelgeving loopt achter op de actuele ontwikkelingen. Neem MiFID II (Markets in Financial Instruments Directive). Het eerste voorstel van dit Europese raamwerk verscheen in 2011. Pas in 2018 treedt de definitieve regelgeving in werking om financiële markten transparanter te maken en beleggers beter te beschermen.

MiFID II reguleert automatische handel en geeft een voorkeur aan centrale platformen en centrale afwikkeling om tegenpartijrisico te verminderen. In MiFID II zijn de mogelijkheden van Distributed Ledgers Technologie (DLT) helaas niet meegenomen. DLT maakt het mogelijk om decentraal af te wikkelen. Wanneer kunnen wij een MiFID III verwachten waar deze mogelijkheid is geadresseerd?

Europees actieplan

De vraag of Europa voor technologie een stimulans of struikelblok is, is al met al niet eenduidig te beantwoorden. Grofweg kun je stellen dat de doorlooptijd van nieuwe technologische toepassingen twee tot drie jaar is, terwijl het soms wel tien jaar duurt voordat er passende regelgeving is. Die doorlooptijden gaan helemaal mank en zijn wat mij betreft het grootste probleem. De Europese Commissie probeert uit alle macht een stimulans te zijn: tijdens de conferentie kwam de Europese Commissie met een actieplan voor een Europese markt voor financiële dienstverlening. Bijzondere aandachtspunten zijn consumentenvertrouwen en -bescherming, minder obstakels voor bedrijven en de ontwikkeling van een innovatieve digitale wereld. Allemaal goede intenties, maar de wijze waarop de Unie is georganiseerd, maakt dat Europa soms toch het struikelblok blijkt dat het niet wil zijn.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig