Ultimate Forward Rate voor Pensioenfondsen

Ultimate Forward Rate voor Pensioenfondsen

Sinds 30 september 2012 wordt de DNB rentetermijnstructuur (RTS) voor pensioenfondsen bepaald met behulp van de Ultimate Forward Rate (UFR). In eerste instantie werd de ook door verzekeraars gehanteerde UFR van 4,2% gebruikt, maar sinds juli 2015 wordt de UFR gebaseerd op het (voortschrijdend) 120-maands gemiddelde van de 20-jaars forward rate. Voor elke (maandelijkse) publicatie door DNB van de RTS pensioenfondsen wordt dus ook de UFR herrekend.

Director, Financial Risk Management en Pensions Advisory

KPMG Nederland

Contact

Gerelateerde content

UFR

UFR per 31 mei 2017: 2,8%

Wat doet de UFR?

De UFR zorgt ervoor dat vanaf looptijd 20 de forward rates geleidelijk naar het niveau van de UFR toe groeien. Dit gebeurt op basis van een mechanisme waarbij ook marktinformatie (lees: swaprentes) tussen looptijden 20 en 50 nog wordt meegenomen. Met deze forward rates wordt een rentecurve afgeleid die voor lange looptijden hoger is dan de RTS van vóór september 2012, die alleen op de op marktinformatie gebaseerde swaprentes was gebaseerd. Zoals in grafiek 1 is te zien heeft de (huidige) UFR een aanzienlijk effect op de rentepercentages voor lange looptijden.

 

Grafiek 1

Met de UFR wordt de rentecurve dus op dit moment kunstmatig hoog gehouden. Aangezien echter de UFR elke maand wordt herrekend als het gemiddelde over de afgelopen 120 maanden, wijzigt de UFR ook regelmatig. Bij de introductie van de nieuwe methode in juli 2015 bedroeg de UFR 3,3% en eind mei 2017 was dit 2,8%. Indien de swaprente op het huidige lage niveau blijft, zal de UFR verder blijven dalen. Immers, zoals in grafiek 2 is te zien liggen de hoogste waarden van de 20-jaars forward rate aan het begin van de middelingsperiode van 10 jaar en zullen deze er dus met het verloop van de tijd uit vallen.

Grafiek 2

Gevolg langdurig lage rente voor UFR

Onderstaande tabel laat zien hoe de UFR zich sinds juli 2015 heeft ontwikkeld en hoe de UFR zich in de komende periode ontwikkelt indien de huidige swaprente (per eind mei 2017) ongewijzigd zou blijven. Verder zijn ter illustratie de geprojecteerde rentecurves eind 2017 en eind 2018 weergegeven in grafiek 3, in de veronderstelling dat de huidige swaprente ongewijzigd blijft (er is dus alleen een effect voor looptijden hoger dan 20). Per saldo is er dus bij ongewijzigde rentestanden een daling van de te hanteren rente en een daarmee samenhangende stijging van de waarde van de verplichtingen te verwachten.

Grafiek 3

Contact

Voor vragen kunt u contact opnemen met Alexander van Stee via vanstee.alexander@kpmg.nl of (020) 656 4673.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig

Nieuwe digitale platform van KPMG

KPMG International heeft een state of the art digitaal platform ontwikkeld dat uw digitale ervaring verbetert en het vinden van nieuwe en relevante content optimaliseert.

 
Lees meer