Belastingplan 2019: Nederlandse vennootschapsbelasting | KPMG | BE
close
Share with your friends

Belastingplan 2019: ontwikkelingen op het vlak van de Nederlandse vennootschapsbelasting

Belastingplan 2019: Nederlandse vennootschapsbelasting

Belastingplan 2019: ontwikkelingen op het vlak van de Nederlandse vennootschapsbelasting

Hierna bespreken wij enkele opvallende wijzigingen ten aanzien van de Nederlandse vennootschapsbelasting.

Tariefverlaging

Nederland doet, evenals België mee aan de internationale trend waarbij vennootschapsbelastingtarieven worden verlaagd. Het Nederlandse kabinet stelt voor de vennootschapsbelastingtarieven stapsgewijs te verlagen, van de huidige 20% voor winst tot en met € 200.000 en 25% voor het meerdere tot 15% respectievelijk 20,5% vanaf 1 januari 2021.

Beperking termijn voorwaartse verliesverrekening

Om bovengenoemde tariefverlaging te kunnen realiseren heeft Nederland ervoor gekozen om de belastinggrondslag te verbreden. Een van de maatregelen in dit verband betreft de beperking van de termijn voor voorwaartse verliesverrekening. Fiscale verliezen kunnen momenteel worden verrekend met fiscale winsten van het voorgaande boekjaar (één jaar carry-back) en de negen volgende boekjaren (negen jaar carry-forward). De termijn voor carry-forward wordt voor fiscale verliezen geleden vanaf het boekjaar 2019 verkort tot zes jaar.

Beperking afschrijving gebouwen in eigen gebruik

Voor Nederlandse fiscale doeleinden worden gebouwen afgeschreven tot de bodemwaarde. Momenteel bedraagt deze bodemwaarde voor gebouwen in eigen gebruik 50% van de WOZ-waarde en voor overige gebouwen de WOZ-waarde. Vanaf 1 januari 2019 wordt de bodemwaarde voor gebouwen in eigen gebruik verhoogd tot de WOZ-waarde. Indien de fiscale boekwaarde van een gebouw reeds lager is dan de bodemwaarde, wordt deze fiscale boekwaarde gehandhaafd. Voor gebouwen die voor 1 januari 2019 in gebruik zijn genomen en waarop nog geen drie boekjaren is afgeschreven blijft (tijdelijk) het huidige regime van toepassing.

Generieke renteaftrekbeperking (30% EBITDA)

In onder meer de juni-editie van deze nieuwsbrief berichtten wij u over de introductie van de 30%-EBITDA-maatregel (‘earningsstripping’) waartoe Nederland op grond van de Europese Anti Tax Avoidance Directive (ATAD) is gehouden. De richtlijn stelt, kort gezegd, dat geen renteaftrek moet worden toegestaan indien en voor zover het saldo van de verschuldigde en ontvangen rente 30% van de fiscale EBITDA te boven gaat.

De ATAD biedt diverse mogelijkheden om het toepassingsgebied van deze generieke renteaftrekbeperking te beperken. Terwijl België een groot deel van deze mogelijkheden benut, is Nederland - zoals eerder aangekondigd - voornemens deze mogelijkheden beperkt te gebruiken en de renteaftrekbeperking ruim toe te passen. Nederland past geen groepsuitzondering en een drempel van slechts € 1 miljoen toe en implementeert geen uitzondering voor bestaande financieringen. Wij verwijzen naar bijgevoegd memorandum over de gepresenteerde voorstellen en onze eerdere berichtgeving hieromtrent.

Goed nieuws is dat de introductie van de 30%-EBITDA-maatregel gepaard gaat met afschaffing van enkele specifieke (renteaftrek)beperkingen voor: deelnemingsrente (artikel 13l), overnamerente (artikel 15ad) en de verrekening van houdsterverliezen (artikel 20, lid 4).

Introductie CFC-wetgeving en conditionele bronbelasting op interesten en royalty's

Een tweetal wijzigingen die grote impact kunnen hebben in internationale structureren betreffen de introductie van de CFC-wetgeving per 1 januari 2019 en de invoering van conditionele bronheffingen op interesten en royalty's vanaf 1 januari 2021. Deze maatregelen zijn met name relevant indien uw structuur een (klein)dochtervennootschap bevat die is gevestigd in een laagbelaste jurisdictie of indien u rente- of royaltybetalingen doet aan een entiteit gevestigd in een dergelijke jurisdictie.

Een land kwalificeert in dit verband als een laagbelaste jurisdictie indien het:

  • wordt genoemd op de EU-lijst van niet-coöperatieve landen (de EU-blacklist);
  • geen winstbelasting heft of een winstbelastingtarief met een statutair tarief van minder dan 7% heeft.

 

Omdat bovengenoemde wijzigingen de fiscale positie van uw vennootschap(pen) significant kan beïnvloeden, adviseren wij de gevolgen hiervan zo spoedig mogelijk in kaart te brengen. Wij zijn u daarbij vanzelfsprekend graag van dienst.

Ga terug naar de overzichtspagina

Gerelateerde content