Europese voorstellen voor de belastingheffing | KPMG | BE
close
Share with your friends

Europese voorstellen voor de belastingheffing over inkomsten uit de digitale economie

Europese voorstellen voor de belastingheffing

Europese voorstellen voor de belastingheffing over inkomsten uit de digitale economie

In het kader van het BEPS-project (‘Base Erosion and Profit Shifting’), waarover wij u eerder berichtten, staat de belastingheffing over inkomsten uit de digitale economie hoog op de politieke agenda. Al enige tijd worden verschillende ideeën openbaar gemaakt om de digitale economie op een eerlijke(re) wijze in de belastingheffing te betrekken.

Op 16 maart 2018 verscheen hierover een rapport van de OESO en op 21 maart 2018 presenteerde de Europese Commissie vervolgens een document met fiscale voorstellen. Meer informatie over beide documenten treft u hier. Hierna lichten wij kort de voorstellen van de Europese Commissie toe.

Met de voorgestelde maatregelen beoogt de Europese Commissie een gezamenlijk, eerlijk en effectief belastingstelsel voor de digitale markt in de Europese Unie (hierna: EU) in het leven te roepen. De twee belangrijkste onderdelen van het pakket aan belastingmaatregelen zijn:

  • de introductie van een tijdelijke ‘digital services tax’;
  • de invoering van een digitale vaste inrichting.

Digital services tax

De digital services tax (hierna: DST) betreft digitale diensten, waaronder de levering van advertentieruimte, het beschikbaar stellen van markten die transacties tussen gebruikers rechtstreeks faciliteren en de overdracht van verzamelde gebruikersgegevens. De Europese Commissie stelt voor over de opbrengsten van ondernemingen uit dergelijke diensten vanaf 1 januari 2020 3% DST te heffen, mits de onderneming:

  • een jaarlijkse wereldwijde omzet heeft van meer dan € 750 miljoen;
  • een jaarlijkse omzet uit digitale diensten in de EU heeft van meer dan € 50 miljoen.

Hoewel de Europese Commissie voorziet in mogelijkheden voor afdracht van de verschuldigde DST in één land op basis van een ‘one-stop-shopmechanisme’, dient de DST toe te komen aan de landen waar de gebruikers van de digitale diensten zijn gevestigd. Tot slot stelt de Europese Commissie voor de verschuldigde DST in aftrek toe te staan op de verschuldigde vennootschapsbelasting.

Digitale vaste inrichting

De introductie van een digitale vaste inrichting (hierna: DPE) dient volgens de voorstellen van de Europese Commissie in de plaats te komen van bovengenoemde tijdelijke DST. De DPE creëert een belastbare grondslag voor digitale bedrijven die actief zijn binnen de EU met geen of slechts een beperkte fysieke aanwezigheid.

De Europese Commissie spreekt over ‘significant digital presence’, waarvan sprake is als een digitaal platform (bijvoorbeeld een website of een applicatie) per jaar:

  • ten minste € 7 miljoen opbrengst in een lidstaat genereert;
  • meer dan 100.000 gebruikers heeft in een lidstaat; en/of
  • meer dan 3.000 contracten voor online diensten met gebruikers heeft afgesloten.

Indien sprake is van digitale diensten worden de hieraan toerekenbare resultaten op basis van het voorstel van de Europese Commissie belast onder het normale vennootschapsbelastingstelsel van de betreffende lidstaat.

De Europese Commissie stelt voor de DPE toe te passen voor ondernemers gevestigd in de EU en niet-verdragslanden buiten de EU. Daarnaast moedigt zij landen aan de maatregelen eveneens in hun belastingverdragen met derde landen te implementeren.

Vooruitzichten

Bovengenoemde voorstellen zullen ter goedkeuring aan de Europese Raad en voor advies aan het Europees Parlement worden voorgelegd. Omdat voor goedkeuring door de Europese Raad unanimiteit is vereist en meerdere landen bezwaren hebben, moet worden afgewacht of de voorstellen van de Europese Commissie (ongewijzigd) zullen worden aangenomen. Vanzelfsprekend houden wij u op de hoogte van de ontwikkelingen in dit kader.

Ga terug naar de overzichtspagina

Gerelateerde content