Verstrenging Belgisch regime vrijstelling | KPMG | BE

Verstrenging Belgisch regime vrijstelling van meerwaarde op aandelen.

Verstrenging Belgisch regime vrijstelling

Verstrenging Belgisch regime vrijstelling van meerwaarde op aandelen

De hervorming vennootschapsbelasting, die uiteindelijk nog in december 2017 werd goedgekeurd, zal voor vennootschappen de voorwaarden verstrengen om te kunnen genieten van de vrijstelling van meerwaarde op aandelen voor de boekjaren die starten vanaf 1 januari 2018 (aanslagjaar 2019).

Het vorige stelsel, van toepassing t.e.m. aanslagjaar 2018

Het stelsel van de belastbaarheid van meerwaarden op aandelen voor vennootschappen is de laatste jaren behoorlijk complex geworden.

Tot en met aanslagjaar 2018 zullen vennootschappen die onderworpen zijn aan de Belgische vennootschapsbelasting aan de volgende voorwaarden dienen te voldoen om te kunnen genieten van de vrijstelling van meerwaarde op aandelen:

  1. De taxatievoorwaarde, dat wil zeggen dat de vrijstelling enkel geldt voor aandelen gehouden in vennootschappen die gevestigd zijn in landen waar ze belast worden en waar ze niet aan een 'aanzienlijk gunstiger' fiscaal regime zijn onderworpen dan in België (dit is één van de voorwaarden die ook geldt voor de aftrek definitief belaste inkomsten, ‘DBI-aftrek’);
  2. De houdperiode, dat wil zeggen dat de aandelen minstens één jaar in volle eigendom behouden moeten zijn (dit is ook één van de voorwaarden voor de DBI-aftrek).

Indien wel aan de taxatievoorwaarde wordt voldaan en de aandelen minder dan één jaar worden aangehouden (dus houdperiode niet voldaan), dan worden de meerwaarden op die aandelen afzonderlijk belast aan een tarief van 25,75%.

Indien de meerwaarde betrekking heeft op aandelen waarvoor de taxatievoorwaarde niet voldaan is, dan worden de meerwaarden op die aandelen belast tegen het normale vennootschapsbelastingtarief (33,99%), ongeacht de houdperiode.

Vennootschappen die niet als KMO-vennootschap kwalificeren – ook indien aan de taxatievoorwaarde en houdperiode wordt voldaan – zijn onderworpen aan een heffing van 0,412% over de gerealiseerde meerwaarden op aandelen.

Het nieuwe stelsel, van toepassing vanaf aanslagjaar 2019

Het nieuwe stelsel omtrent de belastbaarheid van meerwaarde op aandelen wordt door de hervorming vennootschapsbelasting afgestemd op alle voorwaarden die gelden voor de aftrek definitief belaste inkomsten, ‘DBI-aftrek’. Vanaf aanslagjaar 2019 en voor het belastbaar tijdperk dat ten vroegste aanvangt op 1 januari 2018 zullen alle voorwaarden voor de DBI-aftrek (dus niet enkel de ‘taxatievoorwaarde’ en de houdperiode’) voldaan moeten zijn om de vrijstelling van meerwaarde op aandelen te kunnen genieten.

Meer specifiek moeten de volgende voorwaarden voldaan zijn om te kunnen genieten van de vrijstelling van meerwaarde op aandelen:

  1. De taxatievoorwaarde, dat wil zeggen dat de vrijstelling enkel geldt voor aandelen gehouden in vennootschappen die gevestigd zijn in landen waar ze belast worden en waar ze niet aan een 'aanzienlijk gunstiger' fiscaal regime zijn onderworpen dan in België (dit is één van de voorwaarden die ook geldt voor de aftrek definitief belaste inkomsten, ‘DBI-aftrek’);
  2. De houdperiode, dat wil zeggen dat de aandelen minstens één jaar in volle eigendom behouden moeten zijn (dit is ook één van de voorwaarden voor de DBI-aftrek).
  3. En vanaf aanslagjaar 2019 moet, ingevolge de recente hervorming, ook de derde voorwaarde, de participatievoorwaarde, voldaan zijn. Dit wil zeggen dat men een participatie moet houden van tenminste 10% in het kapitaal van de vennootschap of een participatie met een aanschaffingswaarde van minstens € 2.500.000 om te kunnen genieten van een mogelijke vrijstelling op aandelen.

Het afzonderlijke tarief van 0,412%, dat geldt voor grote vennootschappen, wordt afgeschaft.

Voor boekjaren die ingaan vanaf 1 januari 2018 zijn de meerwaarden op aandelen dan ook belastbaar tegen het op dat moment geldende tarief in de vennootschapsbelasting, tenzij de voorwaarden die ook gelden voor DBI-aftrek voldaan zijn.

De hervorming van de vennootschapsbelasting heeft ook implicaties op het toepasselijke belastingtarief met betrekking op meerwaarde op aandelen. De volgende tabel geeft de aangepaste tarieven schematisch weer voor het vorige en toekomstige regime.

SYSTEEM T.E.M. AJ2018

  Taxatievoorwaarde voldaan Taxatievoorwaarde niet voldaan
Houdduur < 1 jaar 25,75%

Standaardtarief 

33,99%

Verlaagd opklimmend tarief (KMO)

Houdduur ≥ 1 jaar

0,412% (grote vennootschappen)

0% (KMO)

Standaardtarief

33,99%

Verlaagd opklimmend tarief (KMO)

NIEUW SYSTEEM VANAF AJ2019

FASE 1 van de hervorming (Aanslagjaar 2019-2020)

Fase 1 hervorming Taxatie- en participatievoorwaarde voldaan Taxatie- of participatievoorwaarde niet voldaan
Houdduur < 1 jaar

25,50%

20,40% voor zover ≤ EUR 100.000 (KMO)

Standaardtarief

29,58%

20,40% voor zover ≤ EUR 100.000 (KMO)

Houdduur ≥ 1 jaar 0%

Standaardtarief

29,58%

20,40% voor zover ≤ EUR 100.000 (KMO)

 

FASE 1 van de hervorming (Aanslagjaar 2019-2020)

Fase 2 hervorming Taxatie- en participatievoorwaarde voldaan Taxatie- of participatievoorwaarde niet voldaan
Houdduur < 1 jaar

Standaardtarief

25%

20% voor zover ≤ EUR 100.000 (KMO)

Standaardtarief

25%

20% voor zover ≤ EUR 100.000  (KMO)

Houdduur ≥ 1 jaar 0%

Standaardtarief

25%

20% voor zover ≤ EUR 100.000  (KMO)

Mocht u hierover vragen hebben of bijstand wensen, aarzel niet ons te contacteren.

Neem contact met ons op

Gerelateerde content