Belgisch UBO-register krijgt wettelijk kader | KPMG | BE

Belgisch UBO-register krijgt wettelijk kader

Belgisch UBO-register krijgt wettelijk kader

Wij berichtten u eerder over de invoering van het UBO-register in Nederland. Op 18 september 2017 keurde het Belgische parlement de Wet tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten goed. Deze wet, die in werking is getreden op 16 oktober 2017, implementeert de zogenoemde Vierde Europese anti-witwasrichtlijn in het Belgische recht.

1000

Gerelateerde content

Belgisch UBO-register krijgt wettelijk kader

Belangrijk om weten is dat deze wet onder andere het Belgische UBO-register in het leven roept, een register dat de uiteindelijke begunstigden (‘ultimate beneficial owners’) van Belgische vennootschappen, trusts en andere juridische entiteiten zal moeten identificeren. Dit UBO-register heeft tot doel toereikende, accurate en actuele informatie ter beschikking te stellen over de uiteindelijke begunstigden van deze entiteiten. In een toekomstig Koninklijk Besluit zal worden bepaald hoe de informatie wordt verzameld, wat de inhoud moet zijn van de verzamelde informatie, wat de details omtrent het beheer, de toegang en het gebruik van de gegevens zijn en tot slot welke modaliteiten voor de verificatie van de gegevens en de werking van het UBO-register zullen gelden.

De bestuurders van dergelijke entiteiten moeten zelf de identiteit van de natuurlijke personen die kwalificeren als uiteindelijke begunstigden achterhalen en doorgeven. Om te kunnen achterhalen welke natuurlijke personen de uiteindelijke eigenaars zijn van deze entiteiten of de zeggenschap hebben over de entiteit, moeten de bestuurders naar de definitie van ‘uiteindelijke begunstigde’ in de richtlijn kijken. De richtlijn beschouwt een natuurlijk persoon als uiteindelijke begunstigde in drie gevallen:

  • Eerst moet men nagaan of er een natuurlijk persoon aanwezig is die minstens 25% in de rechtspersoon aanhoudt of minstens 25% van de stemrechten kan uitoefenen (dit percentage kan door lidstaten verlaagd worden tot 10%).
  • Indien geen enkele aandeelhouder/deelgerechtigde deze drempel behaalt, moet men kijken of er feitelijke leidinggevenden binnen de entiteit aanwezig zijn die bijvoorbeeld via aandeelhoudersovereenkomsten controle over de entiteit kunnen uitoefenen.
  • Als ook deze optie niet kan worden ingevuld, moeten de bestuurders-natuurlijke personen zelf in het register worden opgegeven.

Op deze manier kunnen er voor elke entiteit een of meerdere uiteindelijke begunstigden in het UBO-register worden geregistreerd.

Een heikel punt in het kader van deze recente Belgische wetgeving is de vraag wie toegang zal hebben tot het UBO-register. Hoe discreet zal de daarin opgenomen informatie blijven? Als eerste hebben ‘meldingsplichtige entiteiten’ (zoals financiële instellingen) toegang tot het register in het kader van hun cliëntenonderzoek. Evenals in Nederland het geval lijkt te worden, kunnen daarnaast ook personen met een legitiem belang het register raadplegen. Hoe het begrip ‘legitiem belang’ geïnterpreteerd moet worden, wordt echter niet verduidelijkt in de wet, noch in de richtlijn.

De memorie van toelichting verduidelijkt wel dat, in het kader van de toegang en het gebruik van het UBO-register door de belastingadministratie zelf, de Belastingdienst het register alleen kan raadplegen voor de doeleinden van de wet, namelijk het voorkomen van witwassen van geld en de strijd tegen de financiering van terrorisme. Deze formulering lijkt uit te sluiten dat de Belastingdienst het register mag raadplegen in het kader van een (gewone) fiscale controle, maar in een huidig voorontwerp van wet wordt dan weer voorzien dat de Belgische belastingdienst het UBO-register zal kunnen raadplegen “(...) om een correcte heffing van de belasting te verzekeren”.

Bij gebrek aan het Koninklijk Besluit waarnaar de huidige wet verwijst en dat ook de concrete modaliteiten omtrent de toegang en het gebruik van het UBO-register moet bepalen, blijft het vooralsnog onduidelijk in welke richting dit zal evolueren en in welke mate de belastingadministratie al dan niet automatisch toegang zal krijgen tot het Belgische UBO-register.

Ga terug naar de overzichtspagina

© 2017 KPMG Belastingconsulenten en Juridische Adviseurs, een Belgische burgerlijke CVBA en lid van het KPMG netwerk van zelfstandige ondernemingen die verbonden zijn met KPMG International Cooperative (“KPMG International”), een Zwitserse entiteit. Alle rechten voorbehouden.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig