Eindejaarsverrichtingen: afschrijvingen | KPMG | BE

Eindejaarsverrichtingen: afschrijvingen

Eindejaarsverrichtingen: afschrijvingen

Afschrijvingen dienen om de kost van een investering met beperkte gebruiksduur gespreid over hun waarschijnlijke nuttigheids- of gebruiksduur, ten laste te nemen in de resultatenrekening.

1000

Partner, Accountants

KPMG in Belgium

Contact

Gerelateerde content

Afschrijvingen zijn van toepassing op de volgende rubrieken van de balans:

  • De oprichtingskosten
  • De immateriële en materiële vaste activa

Algemene voorwaarden

  • De afschrijvingen dienen te gebeuren volgens een door het bestuursorgaan vastgesteld plan.
  • De afschrijvingen moeten voldoen aan de eisen van voorzichtigheid, oprechtheid en goede trouw en specifiek zijn voor de actiefbestanddelen waarop ze betrekking hebben.
  • Afschrijvingen moeten stelselmatig worden gevormd en mogen niet afhangen van het resultaat van het boekjaar.
  • Voor oprichtingskosten, immateriële en materiële vaste activa met volkomen identieke technische of juridische kenmerken mogen globale afschrijvingen geboekt worden.

Oprichtingskosten

Onder de post oprichtingskosten worden de kosten vermeld die, voor zover zij niet op een andere wijze ten laste van de resultatenrekening van het lopende boekjaar worden gebracht, verbonden zijn met de oprichting, de verdere ontwikkeling of de herstructurering van de vennootschap, in het bijzonder de kosten van oprichting of kapitaalverhoging, de kosten bij uitgifte van leningen, en de herstructureringskosten.

Voor de oprichtingskosten worden passende afschrijvingen geboekt, per jaarlijkse tranches van ten minste 20% van de werkelijk uitgegeven bedragen. De afschrijving van de kosten bij uitgifte van leningen mag echter gespreid worden over de looptijd van de leningen.

Immateriële en materiële vaste activa

Het boekhoudrecht schrijft géén minimumafschrijvingsperiode voor, de (investerings)kosten moeten worden afgeschreven over hun waarschijnlijke nuttigheids- of gebruiksduur, of de resterende economische levensduur van het actief. Deze levensduur moet geschat worden. De nuttigheids- of gebruiksduur wordt beïnvloed door technische (veroudering door gebruik) en economische slijtage (veroudering door technologische ontwikkeling).

Afwijking van de ‘gewone’ afschrijvingen

  • Wanneer echter blijkt dat het toegepaste afschrijvingsplan, wegens gewijzigde economische of technologische omstandigheden, een te snelle afschrijving tot gevolg heeft gehad, mogen de gewone afschrijvingen worden teruggenomen.
  • Indien op afsluitdatum blijkt dat de boekwaarde van het vast actief hoger is dan de gebruikswaarde voor de vennootschap, dan moeten aanvullende of uitzonderlijke afschrijvingen geboekt worden.
  • Bij het doorbreken van de continuïteit van de vennootschap, of voor de buiten gebruik gestelde of niet meer duurzaam tot de activiteit van de vennootschap bijdragende materiële vaste activa, wordt in voorkomend geval tot een uitzonderlijke afschrijving overgegaan om rekening te houden met de waarschijnlijke realisatiewaarde ervan.
  • De aanvullende of uitzonderlijke afschrijvingen die niet langer verantwoord blijken, moeten worden teruggenomen en dit voor een bedrag dat gelijk is aan de voorheen geboekte aanvullende afschrijvingen.

Geherwaardeerde materiële vaste activa

  • Indien materiële vaste activa met beperkte levensduur geherwaardeerd worden, moet de geherwaardeerde waarde van het vast actief afgeschreven worden over de vermoedelijke restlevensduur.
  • De herwaarderingsmeerwaarde wordt bij herwaardering rechtstreeks geboekt op de passiefrubriek “12 Herwaarderingsmeerwaarden”, maar mag overgeboekt worden naar de beschikbare reserves ten belope van het afgeschreven gedeelte.

Af te schrijven waarde

  • De af te schrijven waarde is gelijk aan de (eventueel geherwaardeerde) aanschaffingswaarde.
  • Het is toegestaan om eventueel rekening te houden met een restwaarde.

Afschrijvingsmethoden

Het afschrijvingsregime mag lineair zijn, degressief, of gebonden aan objectieve criteria zoals de gebruiksintensiteit van het goed of het volume van de productie. Al deze regimes zijn aanvaardbaar voor zover ze overeenstemmen met, ofwel de spreiding van de aanschaffingsprijs over de vermoedelijke economische levensduur van het vast actief, ofwel een fiscaal aanvaard systeem van versnelde afschrijvingen.

Een actief kan ook worden opgedeeld in verschillende componenten, waarbij de componenten elk afzonderlijk afgeschreven worden over hun eigen economische levensduur.

Topics

  • Alle fiscaal aanvaarde versnelde afschrijvingssystemen zijn eveneens toegelaten volgens het Belgisch boekhoudrecht (aanvullende inlichtingen te verstrekken in de toelichting).
  • Kosten van ontwikkeling en goodwill worden, indien hun gebruiksduur niet met zekerheid kan worden geraamd, afgeschreven over ten hoogste 10 jaar.
  • De afschrijvingsperiode op goodwill moet worden verantwoord in de toelichting en geboekte afschrijvingen op goodwill kunnen niet langer teruggenomen worden.
  • Het is (nog steeds) toegestaan om de kosten van onderzoek te activeren onder de rubriek “immateriële vaste activa” mits een onmiddellijke en integrale afschrijving in het jaar van activering, zodat deze bedragen niet voorkomen in de balans van de jaarrekening. Door de toepassing van deze boekhoudmethode kunnen ondernemingen blijven genieten van de investeringsaftrek of van het belastingkrediet.

Ga terug naar de overzichtspagina

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig