Belgische beurstaks op buitenlandse transacties | KPMG | BE

Belgische beurstaks nu ook van toepassing op buitenlandse transacties

Belgische beurstaks op buitenlandse transacties

Vanaf 1 januari 2017 bent u Belgische beurstaks verschuldigd wanneer u als Belgisch rijksinwoner of Belgische vennootschap een effectenrekening aanhoudt bij een buitenlandse (bijvoorbeeld Luxemburgse of Nederlandse) bank en wanneer op deze rekening aankopen of verkopen van aandelen of obligaties worden verricht. Meer nog: indien de buitenlandse bank de Belgische beurstaks niet inhoudt, bent u er zelf toe gehouden deze af te dragen aan de Belgische staat!

1000

Gerelateerde content

Verruiming van het toepassingsgebied

De programmawet van 25 december 2016 voorziet naast een verdubbeling van de bestaande plafonds van de beurstaks ook in een forse uitbreiding van de belasting tot buitenlandse verrichtingen. Bedoeling van de wetgever is om een ‘level playing field’ te creëren tussen Belgische en buitenlandse banken.

Situatie voor 1 januari 2017

België kent reeds sinds geruime tijd een financiële transactietaks (beurstaks) op de overdracht onder bezwarende titel van Belgische en buitenlandse effecten. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, is de taks verschuldigd over zowel beursgenoteerde als niet-beursgenoteerde effecten. Het tarief van de beurstaks varieert naargelang het financiële instrument waarop de transactie betrekking heeft: 0,09% voor obligaties en bepaalde aandelen en deelbewijzen van beleggingsvennootschappen, 0,27% voor aandelen en 1,32% voor aandelen van kapitaliserende beleggingsvennootschappen. De beurstaks per transactie is gemaximeerd en de plafonds zijn vanaf 1 januari 2017 opgetrokken naar € 1.600 voor aandelen, € 1.300 voor obligaties en € 4.000 voor aandelen in kapitaliserende beleggingsvennootschappen.

Tot nog toe was de Belgische beurstaks enkel verschuldigd wanneer de overdracht verliep via een Belgische ‘tussenpersoon van beroep’ (een Belgische bank of bijkantoor van een buitenlandse bank). Bovendien diende de verrichting ‘in België’ te zijn uitgevoerd, dat wil zeggen: op een Belgische rekening.

Onder het uitvoeren van de verrichting worden meer bepaalde gevallen begrepen, waarbij (1) de aangekochte effecten op een Belgische rekening van de klant worden geboekt of de prijs voor de aankoop van deze effecten wordt gedebiteerd op een Belgische rekening van de klant en (2) de verkochte effec­ten van een Belgische rekening van de klant worden afgeboekt of de prijs van de verkoop wordt gecrediteerd op een Belgische rekening van de verkoper.

Situatie vanaf 1 januari 2017

De Belgische beurstaks kon bijgevolg legaal worden vermeden door een (effecten)rekening te openen bij een buitenlandse bank en vanuit deze rekening effecten te kopen en te verkopen. De Belgische wetgever achtte dit niet langer wenselijk en derhalve werd het toepassingsgebied van de beurstaks drastisch uitgebreid.

Vanaf 1 januari 2017 worden transacties op financiële in­strumenten geacht in België te zijn aangegaan of uitgevoerd wanneer de order (koop of verkoop) daartoe “(...) rechtstreeks of onrechtstreeks aan een in het buitenland gevestigde tussenpersoon wordt gegeven (...)” door (1) een natuurlijk persoon met gewone verblijfplaats in België of (2) een rechtspersoon voor rekening van een zetel of een vestiging ervan in België.

De nieuwe bepaling ziet niet alleen op transacties via bankinstellingen, maar ook op die via het internet door in het buitenland gevestigde entiteiten die een platform aanbieden aan Belgische beleggers.

De opdrachtgevers die eronder vallen

Zoals gezegd ziet de nieuwe bepaling op orders die worden gegeven hetzij door een natuurlijk persoon met ‘gewone verblijfplaats’ in België, hetzij door een rechtspersoon met zijn zetel of een vestiging in België.

In het internationaal privaatrecht, waarnaar de minister van Financiën overigens verwijst, begrijpt men onder gewone verblijfplaats de feitelijke situatie, namelijk de plaats waar een natuurlijk persoon zich hoofdzakelijk heeft gevestigd, zelfs bij afwezigheid van registratie en onafhankelijk van een verblijfs- of vestigingsvergunning. Om deze plaats te bepalen wordt met name rekening gehouden met omstandigheden van persoonlijke of professionele aard die duurzame banden met die plaats aantonen of wijzen op de wil om die banden te scheppen.

Rechtstreeks of onrechtstreeks

De maatregel treft niet alleen situaties waarin de voornoemde opdrachtgevers de orders ‘rechtstreeks’ geven, maar ook situaties waarin dit ‘onrechtstreeks’ gebeurt. Met de bepaling over de onrechtstreekse orders brengt de wetgeving onder andere de ‘introducing brokers’ die de ontvangen orders doorgeven aan een buitenlandse entiteit, onder de heffing van beurstaks. Ook orders door juridische structuren waarvan de uiteindelijk begunstigde inwoner van België is en die in principe onder de Kaaimantaks vallen, zouden volgens de minister hiertoe kunnen behoren.

Schuldenaar van de taks

Bij verrichtingen op Belgische (effecten)rekeningen wordt de beurstaks ingehouden door de Belgische bank. Het is dan immers de Belgische bank die schuldenaar is van de beurstaks.

Bij verrichtingen op buitenlandse (effecten)rekeningen ligt dit anders. In het buitenland gevestigde tussenpersonen kunnen immers niet worden gedwongen de Bel­gische fiscale bepalingen na te leven en kunnen bijgevolg ook niet worden verplicht de Belgische beurstaks af te dragen. De wet zegt daarom dat wanneer de ‘tussenpersoon van beroep’ in het buitenland gevestigd is, de Belgische inwoner of de rechtspersoon (hierna: de Belgische belegger) die rechtstreeks of onrechtstreeks de order heeft gegeven de schuldenaar wordt van de belasting.

Derhalve is het ook de Belgische belegger die de verplichtingen inzake het indienen van een opgave en het betalen van de taks op het bevoegde kantoor moet vervullen. De Belgische belegger wordt enkel van deze aan­gifte- en betalingsverplichtingen bevrijd, indien hij kan aantonen dat de taks werd betaald door de buitenlandse bank of een door hem aangestelde aansprakelijk vertegenwoordiger.

Het zal dan ook van uw buitenlandse bank afhangen of u zelf de beurstaks dient aan te geven en te betalen of dat dit door de bank zelf (of zijn aansprakelijk vertegenwoordiger) zal worden gedaan.

Termijn voor aangifte en betaling van de taks

De aan beurstaks onderworpen verrichtingen moeten op maandelijkse basis worden aangegeven. Het indienen van deze ‘opgave’ en de betaling van de taks moeten gebeuren binnen de maand die volgt op de maand van de verrichting. Voor de gevallen waarin de Belgische belegger zelf moet instaan voor het indienen van de opgave en het betalen van de belasting wordt deze termijn verlengd naar twee maanden.

Het aanhouden van een beleggingsportefeuille bij een buitenlandse bank wordt duurder, aangezien de Belgische beurstaks sinds 1 januari 2017 ook van toepassing is op verrichtingen op uw buitenlandse (effecten)rekening. Bovendien wordt u mogelijk geconfronteerd met maandelijkse aangifteverplichtingen, tenzij uw bank deze voor u vervult. Wij adviseren u hierover met ons en/of uw (buitenlandse) bank te overleggen.

 

Kris Lievens en Christophe Jardinet
 

Ga terug naar de overzichtspagina

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig