Toetsingsperiode 25 jaar voor 30%-regeling geoorloofd | KPMG | BE

Toetsingsperiode 25 jaar voor 30%-regeling is geoorloofd

Toetsingsperiode 25 jaar voor 30%-regeling geoorloofd

Onlangs is een uitspraak van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch gepubliceerd over de kortingsregeling van de 30%-regeling. De maximale looptijd van acht jaar kan worden gekort met perioden van eerder(e) verblijf/tewerkstelling in Nederland die zijn geëindigd in de toetsingsperiode van 25 jaar voorafgaand aan de tewerkstelling in Nederland. Deze toetsingsperiode was voorheen (op basis van wetgeving geldend tot en met 31 december 2011) maximaal 15 jaar. Het hof heeft geoordeeld dat de verlenging van de toetsingsperiode niet leidt tot een strijdige (in)directe discriminatie en geen belemmering oplevert voor de diverse verdragsvrijheden, waaronder het vrije verkeer van werknemers.

1000

Gerelateerde content

Casus

Belanghebbende heeft de Nederlandse nationaliteit en heeft tot 1 april 1993 in Nederland gewoond en gewerkt. Op 18 december 2012 wordt een arbeidsovereenkomst aangegaan met een Nederlandse werkgever en vestigt belanghebbende zich wederom in Nederland.

Geschil

Belanghebbende neemt het standpunt in dat hij recht heeft op toepassing van de 30%-regeling. Hij is van mening dat de verlenging van de toetsingsperiode naar 25 jaar leidt tot (in)directe discriminatie en strijdigheid met diverse verdragsvrijheden.

Oordeel Hof ’s-Hertogenbosch

Extraterritoriale kosten, zijnde kosten gemaakt door uit het buitenland aangeworven werknemers in verband met tijdelijk verblijf buiten het land van herkomst, kunnen op basis van Nederlandse loonbelastingwetgeving onbelast worden vergoed. Is de 30%-regeling van toepassing, dan is het niet nodig om de werkelijk gemaakte kosten te staven met facturen, maar kan worden uitgegaan van een onbelaste vergoeding van 30% van het arbeidsinkomen.

De Hoge Raad heeft in een eerder stadium al geoordeeld dat de 30%-regeling inclusief het sinds 2012 van toepassing zijnde 150-kilometercriterium niet leidt tot (in)directe discriminatie en ook geen belemmering voor het vrije verkeer van werknemers vormt. Voor meer informatie verwijzen wij naar de maart 2016-editie van deze nieuwsbrief.

Het hof oordeelt in lijn met dit arrest dat de verlenging van de toetsingsperiode gebaseerd is op objectieve en redelijke rechtvaardigingsgronden die de regeling dichter bij haar doelstelling dient te brengen. Van werknemers die eerder in Nederland hebben verbleven kan namelijk worden aangenomen dat hun kosten voor tijdelijk verblijf in Nederland minder hoog zijn dan die van andere uit het buitenland aangeworven werknemers. Bovendien is de drempel om een arbeidscontract aan te gaan met een Nederlandse werkgever minder hoog.

Belanghebbende is het hier niet mee eens en heeft cassatie ingesteld. Mede gebaseerd op jurisprudentie omtrent de 30%-regeling achten wij de kans niet groot dat de Hoge Raad een arrest in het voordeel van belanghebbende zal wijzen. Indien een werknemer geen recht heeft op de 30%-regeling vanwege de kortingsregeling is een onbelaste vergoeding van extraterritoriale kosten bovendien niet mogelijk, omdat geen sprake is van tijdelijk verblijf buiten het land van herkomst.

 

Esther Schutte en William Donders

Ga terug naar de overzichtspagina

© 2017 KPMG Tax and Legal Advisers, a Belgian Civil Cooperative Company with Limited Liability (burg. CVBA/SCRL civile) and a member firm of the KPMG network of independent member firms affiliated with KPMG International Cooperative (“KPMG International”), a Swiss entity. All rights reserved.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig