Belgische boekhoudkundige rulingpraktijk in de steigers

Belgische boekhoudkundige rulingpraktijk in de steigers

Naast de fiscale rulingpraktijk zal er nu ook een boekhoudkundige rulingpraktijk worden opgericht binnen de Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) in België. Hieraan zullen op formele wijze vragen kunnen worden gesteld met betrekking tot de concrete toepassing van het boekhoudrecht in een bijzondere situatie of betreffende verrichtingen die op boekhoudrechtelijk vlak nog geen uitwerking hebben gehad.

Gerelateerde content

De reeds bestaande Dienst Voorafgaande Beslissingen in fiscale zaken (ook: Rulingcommissie) spreekt zich uit in de vorm van een ruling over alle vragen met betrekking tot de toepassing van de belastingwetgeving. Een dergelijke ruling geeft rechtszekerheid aan de aanvrager; alle andere Belgische belastingdiensten moeten deze ruling in acht nemen en zich hieraan houden.

Tot nog toe had men nog geen vergelijkbaar orgaan in België met betrekking tot boekhoudrechtelijke zaken. De CBN spreekt zich namelijk enkel in de vorm van een advies uit over algemene vraagstukken met betrekking tot boekhoudrechtelijke aspecten. Aangezien de CBN tegenwoordig echter vaak wordt geconfronteerd met concrete vragen omtrent de correcte toepassing van het boekhoudrecht, leek het de Belgische wetgever geboden om ook hiervoor een formeel kader te creëren. De bedoeling is dat er een afzonderlijk college binnen de CBN wordt opgericht waartoe ondernemingen en verenigingen zich in de toekomst op formele wijze zullen kunnen richten met hun vragen, waarop ook een formeel antwoord zal volgen.

De volgende aandachtspunten dienen hierbij in aanmerking te worden genomen:

  • De rulingaanvraag moet betrekking hebben op de toepassing van wettelijke bepalingen die rechtstreeks of ‘bij derogatie’ verwijzen naar het Belgisch boekhoudrecht. Voor het begrip ‘bij derogatie’ vermeldt de memorie van toelichting bij het wetsontwerp als concreet voorbeeld de vragen bij de toepassing van de omgezette nieuwe Europese Accountingrichtlijn.
  • Het moet wel degelijk gaan om een ‘voorafgaande’ beslissing. De situatie of verrichting mag in het concrete geval nog geen gevolgen hebben gehad op het vlak van de jaarrekening.
  • Het moet gaan om een duidelijk omschreven situatie waarin wordt verwezen naar een concreet project waarvan de realisatie ernstig wordt overwogen. Louter theoretische vragen die enkel bij wijze van hypothese worden overwogen zijn dus uitgesloten.
  • Het college zal altijd de reeds uitgebrachte adviezen van de CBN moeten volgen. Een ruling kan dus nooit afwijken van een bestaand CBN-advies. Wanneer het college meent te moeten afwijken van het door de CBN ingenomen algemeen geldende standpunt, kan het college evenwel om het advies van de CBN verzoeken.
  • Het college moet de rulingaanvraag beantwoorden binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum waarop het dossier volledig is (op fiscaal vlak geldt een antwoordtermijn van drie maanden). Dit is echter slechts een indicatieve antwoordtermijn. De termijn van twee maanden kan in onderlinge overeenstemming worden gewijzigd.
  • Bij Koninklijk Besluit (‘KB’) zal worden voorzien in een maximale geldigheidsduur van vijf jaar (net zoals op fiscaal vlak), en in specifieke gevallen zal een langere termijn mogelijk zijn (eveneens op fiscaal vlak). Bij KB zal eveneens worden bepaald in welke gevallen een afgeleverde ruling zal komen te vervallen.
  • Een opmerkelijk verschil met de fiscale rulingpraktijk is dat de beslissing van het college niet bindend is voor de aanvrager en dat het slechts om een opinie van het college gaat. De aanvrager kan bijgevolg afwijken van het antwoord van het college.
  • De door het college afgeleverde rulings zullen op anonieme wijze worden gepubliceerd op de website van de CBN.
  • De aanvraag tot het verkrijgen van een 'In­dividuele Beslissing inzake Boekhoudrecht' moet schriftelijk bij het college worden ingediend. Zij moet gemotiveerd zijn en ondertekend door een persoon die daartoe gemachtigd is door de aanvrager.
  • In een aantal gevallen, de zogenoemde uitgesloten gevallen, kan geen boekhoudrechtelijke ruling worden verkregen. Dit is bijvoorbeeld het geval indien de aanvraag betrekking heeft op situaties of verrichtingen die op jaarrekeningrechtelijk vlak het voorwerp uitmaken van een administratief beroep of gerechtelijke handeling tussen de Belgische staat en de aanvrager.

Wij zijn erg benieuwd of deze nieuwe rulingpraktijk de in België werkzame ondernemers zal helpen bij het oplossen van hun boekhoudkundige problemen.

 

Jeroen Debaere en Christophe Jardinet

Ga terug naar de overzichtspagina

© 2017 KPMG Tax and Legal Advisers, a Belgian Civil Cooperative Company with Limited Liability (burg. CVBA/SCRL civile) and a member firm of the KPMG network of independent member firms affiliated with KPMG International Cooperative (“KPMG International”), a Swiss entity. All rights reserved.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig

Nieuwe digitale platform van KPMG

KPMG International heeft een state of the art digitaal platform ontwikkeld dat uw digitale ervaring verbetert en het vinden van nieuwe en relevante content optimaliseert.

 
Lees meer