De neerlegging van jaarrekeningen | KPMG | BE

De neerlegging van jaarrekeningen van verenigingen en stichtingen

De neerlegging van jaarrekeningen

Bent u een bestuurder van een grote of zeer grote vereniging of stichting? Dan moet u de jaarrekening neerleggen bij de Nationale Bank van België. Kleine verengingen en stichtingen mogen echter hun jaarrekening neerleggen bij de griffie van de rechtbank van koophandel. Maar wanneer spreekt men van een grote of een kleine onderneming? We zetten de groottecriteria alsook de gevolgen van het niet- of laattijdige neerlegging van de jaarrekening voor vzw’s en stichtingen op een rijtje.

1000

Gerelateerde content

De grote en zeer grote verenigingen en stichtingen, dit zijn de verenigingen zonder winstoogmerk (vzw's), de internationale verenigingen zonder winstoogmerk (ivzw's), de private stichtingen en de stichtingen van openbaar nut, moeten hun jaarrekening opmaken volgens respectievelijk het verkort of het volledig model van de jaarrekening voor verenigingen en stichtingen en moeten hun jaarrekening neerleggen bij de Nationale Bank.

 

De kleine verenigingen en stichtingen daarentegen mogen een vereenvoudigde boekhouding voeren en dienen hun jaarrekening neer te leggen bij de griffie van de rechtbank van koophandel.

 

De kleine verenigingen die op vrijwillige basis hun boekhouding voeren volgens de regels van de grote verenigingen moeten hun jaarrekening opstellen volgens het model dat geldt voor de grote verenigingen. Zij dienen deze jaarrekening neer te leggen bij de griffie van de rechtbank van koophandel. Als, en enkel als zij dit wensen, mogen zij deze jaarrekening bovendien neerleggen bij de Nationale Bank, mits betaling van de daarvoor geldende neerleggingskosten.

 

De verenigingen en stichtingen die door een bijzondere reglementering of wetgeving onderworpen zijn aan boekhoudkundige verplichtingen, moeten de wetgeving op de verenigingen en stichtingen niet volgen, voor zover hun eigen reglementering of wetgeving op de boekhouding minstens gelijkwaardig is. Indien de uit de bijzondere wetgeving volgende jaarrekening als gelijkwaardig wordt beschouwd door de raad van bestuur, dan is het die jaarrekening die bij de Nationale Bank moet worden neergelegd. Deze jaarrekening moet worden voorafgegaan door een specifiek voorblad voor de jaarrekening van verenigingen en stichtingen opgesteld volgens een afwijkend schema. De vereniging of stichting moet op dit specifieke voorblad de wettelijke of reglementaire basis vermelden die het gebruik van een afwijkend schema verantwoordt.

 

Ter herinnering, de groottecriteria voor vzw’s en stichtingen.

Een vereniging of stichting wordt als zeer groot beschouwd indien bij de afsluiting van het boekjaar:

  • Haar gemiddeld personeelsbestand (in voltijdse equivalenten) op jaarbasis meer dan 100 bedraagt, of
  • Zij ten minste twee van de volgende drempels overschrijdt:
    - Jaargemiddelde van het personeelsbestand (in voltijdse equivalenten): 50
    -Ontvangsten op jaarbasis, andere dan uitzonderlijke ontvangsten (exclusief btw): € 7.300.000
    -Balanstotaal: € 3.650.000

Een vereniging of stichting die niet zeer groot is, wordt als groot beschouwd indien zij bij de afsluiting van het boekjaar ten minste twee van de volgende drempels bereikt of overschrijdt:

  • Jaargemiddelde van het personeelsbestand (in voltijdse equivalenten): 5
  • Ontvangsten op jaarbasis, andere dan uitzonderlijke ontvangsten (exclusief btw): € 312.500
  • Balanstotaal: € 1.249.500

 

Zeer grote verenigingen en stichtingen moeten het volledig model voor vzw's en stichtingen gebruiken.
Grote verenigingen en stichtingen mogen het verkort model voor vzw's en stichtingen gebruiken.

 

Tot slot, de niet- of laattijdige neerlegging van de jaarrekening van vzw’s en stichtingen kan verschillende gevolgen hebben. We zetten deze even op een rijtje:

 

Onontvankelijkheid van gerechtelijke vorderingen

De wet voorziet in de opschorting van iedere vordering ingesteld door een vereniging of stichting in geval zij niet voldaan heeft aan haar openbaarmakingsverplichtingen zoals die met betrekking tot de jaarrekeningen. De vordering zal niet ontvankelijk worden verklaard indien de vereniging of stichting niet voldoet aan haar verplichtingen binnen de door de rechter opgelegde termijn.

 

Gerechtelijke ontbinding

Op vraag van iedere belanghebbende of van het openbaar ministerie en behoudens regularisatie van de toestand in de loop van het geding, kan de rechtbank van eerste aanleg de ontbinding van een vzw of stichting uitspreken als die vzw of stichting haar jaarrekening voor drie opeenvolgende boekjaren niet heeft neergelegd.

 

Geen machtiging voor giften

Met uitzondering van handgiften, is voor elke gift aan een vereniging of stichting, onder levenden of bij testament, en met een waarde van meer dan € 100.000, een machtiging door de Minister van Justitie of zijn vertegenwoordiger vereist. Deze machtiging zal in geen geval verleend worden indien de vereniging haar jaarrekening niet heeft neergelegd, vanaf haar oprichting of althans de laatste drie boekjaren, of indien de stichting haar jaarrekening niet heeft neergelegd.
 

© 2017 KPMG Central Services, een Belgisch Economisch Samenwerkingsverband (“ESV/GIE”) en lid van het KPMG netwerk van zelfstandige ondernemingen die verbonden zijn met KPMG International Cooperative (“KPMG International”), een Zwitserse entiteit.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig