Nederland: Vennootschapsbelasting: In welke mate verschilt de fiscale van de boekhoudkundige winst?

NL Vennootschapsbelasting boekhoudkundige/fiscale winst

Voor de berekening van de belastbare winst gelden specifieke regels, waarbij de bedrijfseconomische waardering in de jaarrekening kan afwijken van de fiscale waardering in de Nederlandse aangifte. De belastingbate of -last in de jaarrekening wordt in beginsel berekend in overeenstemming met de belastingvoorschriften. Deze regels zijn, in beginsel, eveneens van toepassing binnen de vennootschapsbelasting voor de berekening van het belastbare winst van de vennootschap.

Gerelateerde content

Verschillen tussen bedrijfseconomisch resultaat en fiscaal resultaat kunnen permanent of tijdelijk zijn.

Permanente verschillen ontstaan door fiscaal vrijgestelde baten, fiscaal niet of beperkt aftrekbare kosten en door fiscale faciliteiten, zoals de investeringsaftrek. Deze verschillen leiden tot een belastingdruk op het resultaat die niet overeenstemt met het nominale belastingpercentage over de bedrijfseconomische winst.

Tijdelijke verschillen ontstaan wanneer de periode waarin belastbare resultaten tot het fiscale resultaat worden gerekend, niet gelijk is aan de periode waarin zij tot het bedrijfseconomische resultaat worden gerekend (bijvoorbeeld hanteren van afwijkende afschrijvingspercentages, activa bedrijfseconomisch waarderen op actuele waarde en fiscaal op kostprijs).

Tijdelijke verschillen komen tot uitdrukking in een latente belastingschuld, die in de bedrijfseconomische jaarrekening onder voorzieningen opgenomen wordt. Deze latentie wordt berekend over het verschil tussen bedrijfseconomische en fiscale waardering, vermenigvuldigd met het geldende dan wel contant gemaakte belastingtarief.

Tijdelijke verschillen betreffen onder meer:

  • Afschrijving op gebouwen. Gebouwen kunnen worden afgeschreven tot de bodemwaarde. De bodemwaarde is de WOZ-waarde van het gebouw als het beleggingsvastgoed betreft, en de helft van de WOZ-waarde als het een gebouw in eigen gebruik betreft; 
  • Afschrijving op goodwill. De afschrijving over goodwill wordt op maximaal 10% van de aanschafwaarde of voortbrengingskosten gesteld;
    Overige afschrijvingen. Er geldt een afschrijvingspercentage van maximaal 20% van de aanschaffingswaarde of voortbrengingskosten voor alle bedrijfsmiddelen, en 
  • Waardering OHW. Bij de waardering van onderhanden werk dient er voort-schrijdend winst genomen te worden middels de 'percentage of completion'-methode.


Op de hoofdregel dat jaarlijks niet sneller kan worden afgeschreven dan de wettelijke percentages, geldt één belangrijke uitzondering. Als de bedrijfswaarde van een materieel activum lager is dan de boekwaarde, kan het activum op de lagere bedrijfswaarde (waarde going concern) worden gewaardeerd door middel van een impairment. Deze afwaardering is fiscaal aftrekbaar, en zal jaarlijks opnieuw beoordeeld moeten worden.

© 2017 KPMG Tax and Legal Advisers, a Belgian Civil Cooperative Company with Limited Liability (burg. CVBA/SCRL civile) and a member firm of the KPMG network of independent member firms affiliated with KPMG International Cooperative (“KPMG International”), a Swiss entity. All rights reserved.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig

Nieuwe digitale platform van KPMG

KPMG International heeft een state of the art digitaal platform ontwikkeld dat uw digitale ervaring verbetert en het vinden van nieuwe en relevante content optimaliseert.

 
Lees meer