Nederland: Vennootschapsbelasting - Is het mogelijk om rulings te verkrijgen?

NL Vennootschapsbelasting - rulings

De Nederlandse rulingpraktijk is met ingang van 1 april 2001 vervangen door de APA/ATR-praktijk.

Gerelateerde content

Een advance pricing agreement (hierna: APA) geeft goedkeuring vooraf over de vaststelling van een zakelijke beloning of een methode voor de vaststelling van een dergelijke beloning voor grensoverschrijdende transacties tussen gelieerde lichamen en tussen onderdelen van eenzelfde lichaam.

Een advance tax ruling (hierna: ATR) geeft zekerheid vooraf over de fiscale gevolgen van een voorgenomen transactie of samenstel van transacties. Hierbij wordt genoemd de toepassing van de deelnemingsvrijstelling voor tussenhoudstermaatschappijen, beoordeling van internationale structuren waarbij hybride financierings- of rechtsvormen betrokken zijn alsmede beantwoording van de vraag of al dan niet sprake is van een vaste inrichting in Nederland van een in het buitenland gevestigde vennootschap.

Daarnaast heeft de Staatssecretaris een aantal besluiten (de meest recente op 12 juni 2014) genomen waaruit een aanpassing van de oude rulingpraktijk blijkt. In het verrekenprijsbesluit bijvoorbeeld wordt aan de hand van de OECD Transfer Pricing Guidelines for Multinational Enterprises and Tax Administrations de uitwerking van het Nederlandse beleid ten aanzien van bijvoorbeeld het arm’s length beginsel en de verrekenprijsmethoden en winsttoerekening aan hoofdhuis en vaste inrichting gegeven. In een vernieuwde versie van het verrekenprijsbesluit (26 november 2013) heeft de Staatssecretaris nog zorgvuldiger willen aansluiten bij de internationale ontwikkelingen op het gebied van transfer pricing en wordt beoogd het beleid ten aanzien van verrekenprijzen te verduidelijken middels enkele voorbeeldcases.

In andere besluiten wordt aangegeven dat geen zekerheid vooraf wordt verstrekt indien dit in strijd komt met de goede trouw die Nederland jegens verdragspartners en/of internationaal verband verschuldigd is dan wel bij hybride vormen indien aannemelijk is dat belastingbesparing de enige dan wel de doorslaggevende beweegreden voor de gekozen vorm is (zogenoemde fiscale grensverkenning).

Het besluit inzake dienstverleningslichamen voorziet in een beperking van het verkrijgen van zekerheid vooraf, het uitwisselen van inlichtingen en/of het verrekenen van buitenlandse bronheffingen voor lichamen met financiële dienstverleningsactiviteiten binnen concernverband bij onvoldoende “substance” in Nederland en/of ontbreken van reële risico’s. Op 12 juni 2014 heeft de Staatssecretaris op het gebied van "substance" een nieuw besluit uitgevaardigd, welke ook in de uitvoeringsregels van de wet nader zijn vormgegeven. Hierin zijn wijzigingen opgenomen om oneigenlijk gebruik van belastingverdragen tegen te gaan. Het besluit laat dienstverleningslichamen in de aangifte vennootschapsbelasting verklaren (ook indien zij geen APA/ATR-ruling hebben) dat ze aan de gestelde substance-eisen uit het besluit voldoen. Indien dit niet het geval is, zal de Nederlandse fiscus onder omstandigheden spontaan gegevens uitwisselen over de belastingplichtige met de fiscus in de betrokken landen.

Verder kunnen nieuwe investeerders speciale afspraken (informeel kapitaalrulings) maken omtrent de waarde van bepaalde activa (bijvoorbeeld knowhow, merkenrechten, etc.) die zonder tegenprestatie naar Nederland worden overgeheveld.

Dergelijke activa worden dan geactiveerd op de balans en kunnen vervolgens gedurende een aantal jaren worden afgeschreven ten laste van de belastbare winst. Ook kan onder bepaalde omstandigheden (fictieve) rente ten laste van het Nederlandse resultaat worden gebracht wegens door een verbonden lichaam renteloos ter beschikking gesteld vermogen.

Opgemerkt wordt dat de rulingpraktijk op dit moment in de belangstelling staat bij onder meer de media en de politiek. Ook vinden er binnen de OESO en de EU onderzoeken en besprekingen plaats over de spelregels van de ruling praktijken in de toekomst, in hoeverre er transparantie van rulings en uitwisselingen van rulings tussen belastingdiensten plaats dient te vinden, als mede of sprake zou kunnen zijn (in individuele gevallen) van verboden staatssteun. In december 2015 is een wijziging in de Richtlijn die ziet op informatieuitwisseling aangenomen. Als gevolg hiervan zullen rulings en prijsafspraken vanaf 1 januari 2017 tussen de lidstaten uitgewisseld moeten worden. Deze ontwikkelingen zijn thans in volle gang, nadere regels, uitwerkingen en de implementatie daarvan worden in de nabije toekomst verwacht.

© 2017 KPMG Tax and Legal Advisers, a Belgian Civil Cooperative Company with Limited Liability (burg. CVBA/SCRL civile) and a member firm of the KPMG network of independent member firms affiliated with KPMG International Cooperative (“KPMG International”), a Swiss entity. All rights reserved.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig

Nieuwe digitale platform van KPMG

KPMG International heeft een state of the art digitaal platform ontwikkeld dat uw digitale ervaring verbetert en het vinden van nieuwe en relevante content optimaliseert.

 
Lees meer