Dubbele belasting op het Nederlands dividendinkomen

Dubbele belasting op het Nederland

Graag informeren wij u over een recente prejudiciële vraag met betrekking tot de dubbele belastbaarheid in Nederland én in België van uw Nederlands dividendinkomen.

Gerelateerde content

Zoals u waarschijnlijk wel weet wordt de Belgische natuurlijke persoon-aandeelhouder dubbel belast op het dividendinkomen dat hij uit Nederland verkrijgt. Nederlandse dividenden worden namenlijk in Nederland onderworpen aan Nederlandse dividendbelasting, het ontvangen netto dividendinkomen wordt daarenboven in België nogmaals, aan een tarief van 25%, belast in de personenbelasting als roerend inkomen. Aangezien de in Nederland reeds betaalde belasting niet wordt verrekend met de in België te betalen dividendbelasting, is er sprake van een dubbele belasting van eenzelfde dividendinkomen.

Concreet betekent dit dat als u, als Belgisch natuurlijke persoon- aandeelhouder, gerechtigd bent op een Nederlands brutodividend van €100, u netto (na inhouding van Nederlandse dividendbelastingvan 15%) €85 ontvangt. Deze €85 wordt in België als roerend inkomen aanzien en wordt in de personenbelasting nogmaals belast aan 25% (d.i. € 21,25). De reeds betaalde Nederlandse belasting van € 15 wordt echter niet verrekend met deze Belgische belasting, dit betekent dat er, op een dividend van €100, in totaal € 36,25 aan belasting wordt ingehouden.

Deze dubbele dividenbelasting is al geruime tijd voorwerp van discussie en werd, vanuit Belgische hoek, reeds ter beoordeling voorgelegd aan het Hof van Justitie in de arresten Kerkhaert-Morres (2006) en Damseaux (2009). Het Hof van Justitie oordeelde echter dat de Belgische fiscale wetgeving niet discriminerend is, daar ze geen onderscheid maakt tussen de dividenden die in het buitenland en in België ontvangen worden.

Prejudiciele vraag van de Nederlandse Hoge Raad


Diezelfde dividenbelasting wordt nu opnieuw aangevochten, ditmaal vanuit Nederlandse hoek.

De Nederlandse Hoge Raad heeft op 20 december 2013 drie prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie gesteld inzake de verenigbaarheid van de Nederlandse dividendbelasting met het Europese Recht. In één van deze zaken wordt de procedure door onze Nederlandse collega’s van KPMG Meijburg & Co (Cees Nijman en Erwin Nijkeuter) gevoerd. In bijlage vindt u een door hen geschreven artikel inzake deze problematiek.

Als argument wordt verwezen naar de vaste rechtspraak van het Hof van Justitie, die stelt dat een buitenlandse (in casu Belgische) aandeelhouder niet zwaarder belast mag worden dan een met hem vergelijkbare binnenlandse (in casu Nederlandse) aandeelhouder.  

De Nederlandse dividendbelasting heeft echter wel tot gevolg dat de buitenlandse (Belgische) natuurlijk persoon – aandeelhouder zwaarder wordt belast op zijn dividendinkomen dan de binnenlandse (Nederlandse) natuurlijk persoon – aandeelhouder.

Concreet: als een Belgisch natuurlijk persoon- aandeelhouder gerechtigd is op een Nederlands brutodividend van €100 betaalt hij hierop 15 % Nederlandse dividendbelasting. Indien aan een Nederlander een brutodividend van €100 wordt uitgekeerd, wordt er tevens 15% dividendbelasting ingehouden, dit is echter een soort voorfinanciering van de door de Nederlandse belastingsplichtige verschuldigde inkomstenbelasting en dus niet een finale belasting zoals bij de buitenlandse (Belgische) aandeelhouder. De dividendbelasting is verrekenbaar met de uiteindelijk verschuldigde belasting en is desgevallend terugbetaalbaar.

De Nederlandse dividendbelasting zou dus in strijd zijn met het Europese recht omdat voor niet-inwoners (Belgen) de Nederlandse dividendbelasting zwaarder kan drukken dan voor inwoners van Nederland, wat de vrijheid van kapitaal belemmert. Indien het Hof van Justitie positief antwoord op de prejudiciële vragen kan de te veel betaalde dividendbelasting worden teruggevorderd.

 

Wat betekent dit voor u?

Langs Belgische zijde verandert er voor u niks, de netto dividendinkomsten dienen nog steeds, zoals voorgaande jaren, te worden aangegeven als roerend inkomen in de aangifte personenbelasting.

Langs Nederlandse zijde kan u echter nu al, ten belope van de te veel betaalde dividendbelasting, een verzoek tot teruggave indienen bij de Nederlandse belastingsdienst. Voor het instellen van dergelijk verzoek tot teruggave heeft u, na afloop van een belastingsjaar, 5 jaar de tijd. Dit betekent concreet dat u momenteel tot uiterlijk 31 december 2014 een verzoek tot teruggave kan instellen voor de te veel betaalde dividendbelasting tijdens de inkomsten jaren 2009-2013.

Niettegenstaande het feit dat belastingsinspecteur zich niet meer zal uitspreken over dit verzoek tot na de uitspraak van het Hof, raden wij u aan om niet te wachten tot de effectieve uitspraak om uw verzoek in te stellen. Dit omdat de effectieve uitspraak van het Hof van Justitie nog maanden op zich zal laten wachten en hoogstwaarschijnlijk over jaareinde zal gaan, indien u wacht om uw verzoek in te stellen loopt u, rekening houdend met de termijn van 5 jaar, het risico om de teruggave voor inkomstenjaar 2009 te verliezen.

Indien u de fiscale impact voor uzelf wenst te kennen en meer bepaald het bedrag van de mogelijke teruggaaf van de teveel betaalde Nederlandse dividendbelasting, laat ons dit dan gerust weten. Wij berekenen de impact graag voor u zodat u kan afwegen of het de moeite loont om de teruggaafprocedure in te stellen.

© 2017 KPMG Tax and Legal Advisers, a Belgian civil CVBA/SCRL and a member firm of the KPMG network of independent member firms affiliated with KPMG International Cooperative ("KPMG International"), a Swiss entity. All rights reserved.

Neem contact met ons op

 

Offerteaanvraag (RFP)

 

Bevestig

Nieuwe digitale platform van KPMG

KPMG International heeft een state of the art digitaal platform ontwikkeld dat uw digitale ervaring verbetert en het vinden van nieuwe en relevante content optimaliseert.

 
Lees meer